VZW Guldensporencomité Kortrijk

VZW Guldensporencomité Kortrijk

De visie van het Guldensorencomité

Wat doen we?

Het guldensporencomité organiseert de herdenking en viering van de Vlaamse ontvoogdingsstrijd. Hèt symbool van die strijd is de Guldensporenslag, op 11 juli 1302, waar het ondenkbare gebeurd is: een Vlaams leger, grotendeels bestaande uit voetvolk, versloeg het sterkste ridderleger van Europa. De slag betekende een keerpunt in de geschiedenis van Vlaanderen en West-Europa.
Tot vandaag gaat de ontvoogdingsstrijd verder. Denk maar aan het ontstaan van onze Vlaamse Gemeenschap en aan de omvorming van België van unitaire tot federale staat. Maar we zijn er nog niet. Het Vlaamse volk heeft zijn zelfbeschikking nog niet volledig verworven.
Op 11 juli herdenken we wat we wel al verworven hebben. We vieren de vrijheden waarvoor onze vaderen en voorvaderen gestreden hebben en de offers die ze daarvoor moesten brengen. Het Guldensporencomité heeft als belangrijke taak ons erop te wijzen dat we fier mogen zijn op ons klein, maar groots volk.

Wat drijft ons?

De Slag der Gulden Sporen herdenken is een oproep om te werken aan een coherente Vlaamse samenleving waar eenieder zijn noden en verlangens kan realiseren. Het is ook een reden tot feesten, een feest voor iedereen zonder onderscheid van afkomst of van ideologie. Het is een feest van verbondenheid onder de Vlamingen.
De Slag der Gulden Sporen herinnert er ons ook aan dat ons volk zich niet mag neerleggen bij achterhaalde structuren (feodalisme, godsdienstig fanatisme, hyperkapitalisme, verfransing door toedoen van de Belgische staat sinds 1830, als zij groei, ontwikkeling, gelijkwaardigheid en rechtvaardigheid beletten. Het gaat er om dat elk volk, waar ook ter wereld, het recht heeft zichzelf te organiseren en besturen. Vandaag zijn daar geen oorlogen meer voor nodig. Zelfbeschikking is een democratisch recht.

Wat betekende de Slag der Gulden Sporen?

Zeven dagen na de Slag der Gulden Sporen werd paus Bonifatius gewekt om hem te melden dat voor het eerst in de geschiedenis een leger, bestaande uit bijna uitsluitend voetvolk, een ridderleger verslagen had. Deze overwinning op het sterkste ridderleger volgens de kroniekschrijvers, de 'bloem van het christelijke West-Europa', betekende het begin van het einde van het ridderschap als militaire kaste.
11 juli 1302, en voorheen in mei ook al de Brugse Metten, waren opstanden van ambachten en boeren (de kerels van Vlaanderen) tegen hun overheersers. Van een taalstrijd was er geen sprake. Het was een strijd om te overleven. Daarbij keerde het gewone volk zich tegen de met de Franse koning samenspannende rijke burgers (leliaards). Drukkende belastingen, de muntpolitiek van de Franse koning en het verbod op de invoer van Engelse wol dwongen de ambachten en boeren tot een schijnbaar hopeloze reactie. Ze opteerden voor het tweede, ook al wisten zij dat hun strijd uitzichtloos was.
De totaal onverwachte zege van het volk tegen een militaire overmacht, resulteerde in een groeiende macht van gilden en ambachten. In enkele Vlaamse steden ontstond een verre voorloper van een democratisch bestuur.
De Slag der Gulden Sporen toont aan dat een gemeenschap - van het huidige Vlaanderen was er toen nog geen sprake -, indien zij met wilskracht hoopt op een betere toekomst combineert, het onmogelijk gewaande kan realiseren.

Het Guldensporencomité zal de herdenking èn het feest in ere houden en verder ontwikkelen. De Slag der Gulden Sporen was het beginpunt van onze lange ontvoogdingsstrijd. Het symboliseert onze Vlaamse strijd die nog altijd brandend actueel is.

"Vlamingen, gedenk de Slag der Gulden Sporen!"